Cheer Me, Perverts!

Psychoscout

ISMS

The Armstrong Mutations

Trap

Minoes

Larf

Bonk

Live At The Beursschouwburg

 

------------------------------------------------------------------------------

 

Cheer Me, Perverts!

 

Didier Wijnants - De Morgen, 05/05/09

De productie van Flat Earth Society ligt misschien te hoog om alles van nabij te volgen, maar deze ‘Cheer Me, Perverts!, is een verplichte halte, want misschien wel het beste wat de Gentse big band al maakte. Niet dat peter Vermeersch een grote bocht maakte. Zijn composities en zijn orkest klinken nog altijd als een mengeling van circusmuziek en jazz die voor vermaak en vreugde graag eens door de pootjes zakt. Het verschil met sommige vorige producties is dat de gespeelde nonchalance hier minder functioneert als een maskerade. Vermeersch heeft hard gewerkt aan de consistentie van het repertoire, zodat deze plaat moeiteloos meerdere beluisteringen doorstaat. Zoals gewoonlijk plakt Vemeersch graag verschillende thema’s aan elkaar, zodat een soort collage ontstaat met flink wat bochtenwerk. Maar vooral in de arrangementen is gezorgd voor subtiele variatie zodat het verhaal nooit stilvalt. Luister vooral naar ‘Kotopoulopology’ en ‘Bad Linen’, de twee uitschieters. Technisch is deze groep misschien niet het neusje van de zalm, maar het is wel een echte groep, veel meer dan de optelsom van vijftien muzikanten.

< terug naar menu

 

GEORKESTREERDE CHAOS
Koen Graat - Jazzmagazine, NL

Sinds de oprichting halverwege de jaren negentig is het Vlaamse Flat Earth Society één van de meeste originele en authentieke bigbands van de Benelux. Daar waar de meeste jazzorkesten uitblinken in voorspelbaarheid doet het collectief van componist/klarinettist Peter Vermeersch juist het tegenovergestelde. Ook het nieuwe album Cheer Me, Perverts! is daar weer een overtuigend bewijs van. Van het Zappa-eske openingsnummer Vole Sperm Reverie tot het opzwepende Kotopoulopology, dat met allerlei oosterse klanken wat doet denken aan de Acoustic Masada van John Zorn, Flat Earth Society maakt er een duizelingwekkende muzikale ?roller coaster ride? van. Cheer Me, Perverts! is intussen al weer het achtste album van de groep en de opvolger van de ijzersterke cd Psychoscout uit 2006. In de tussentijd verscheen ook nog de dvd Die Austernprinzessin, de film uit 1919 van Ernst Lubitsch waarbij Vermeersch een nieuwe, en bij vlagen hilarische, filmscore schreef. Ook de georkestreerde chaos op Cheer Me, Perverts! bevat weer een aantal staaltjes van het compositorische vernuft dat het idioom van Flat Earth Society zo eigenzinnig en opwindend maakt.

< terug naar menu

 

Will Metcalfe - Bearded magazine.co.uk, 24/06/09

Cheer Me, Perverts! is an anagram of Flat Earth Society’s Peter Vermeersch – clarinetist and bandleader of Belgium’s Flat Earth Society. The 14-piece jazz ensemble play music like few others; with both feet planted firmly in the avant-garde, Vermeersch and co. engage the listener in a dual, move or be moved almost. The ten tracks that comprise this, their ninth record veer from circular insanity towards a hypnotic anarchy.
‘Mutt’ is a broken circus chime – a writhing, spiralling eight-minute exploration of the broken, the demented and the plain wrong. One moment it’s hell on a saxophone and the next Vermeersch breaks through all calming and doe eyed; you might think you know bizarre but it seems Flat Earth Society are here to convince you otherwise. Cheer Me, Perverts! is a record swimming with joy – ‘Bad Linen’ is chaotic, punctuated with wayward sax and unruly percussion before melting down into yet another carnival anti-theme.
The surrealism of the record is not limited to the music – opener ‘Vole Sperm Reverie’ boasts perhaps the strangest title of the year and leads off with a blustering guitar line before the band kick in with the most cacophonous of choruses. Combining traditional jazz sounds with a more exploratory, roving element that brings the band dangerously close to the realms of Mr. Scruff and Captain Beefheart.
Flat Earth Society are a band that fail to acknowledge genre for the best.

< terug naar menu

 

Alam Magazine, juni 2009

This vibrant, upbeat big-band jazz ensemble entwines circus, burlesque, lounge, and Cirque du Soleil sounds in its quirky mix — one that counts on 23 regular members.
The title of this second album for Crammed Discs is an anagram of the group’s leader, Belgian composer/clarinetist Peter Vermeersch.  It’s a fitting title for an album that sounds joyous and debauched — an album that should vie for best jazz disc of 2009.

< terug naar menu

 

Matt Evans - Rock-a-Rolla, May/June 2009

Something about Belgium inspires its citizens to gather in large numbers to form rollickingly great high-energy genre-splicing big-band ensembles. Think of One, Galatasaray, and Flat Earth Society, to name but three. FES comprises 14 brash, super-talented instrumentalists in the thrall of composer/clarinettist Peter Vermeersch. Their ninth album rewires the big-band idiom with a severely swinging math-meets-jazz sensibility, exuberant dramatic flair and an awe-inspiring sense of harnessed chaos. At speed , FES are unassailable – take opener ‘Vole Sperm Reverie’, a lost cop theme powered by grimy gumshoe-funk horns, or the rampaging ‘Flatology’, which splices hard-bop velocity with Monk-style melodic tangents. Yet even the sedate tunes seethe with barely contained energy – indeed the brittle melodies of ‘Too Sublime in Sin’ shatter under the strain, unleashing diabolical discordant forces. Big, boisterous and brassy, Cheer Me, Perverts!, is as slinky as sleazy as it gets, and offers more thrills per second than surfing on a lava flow with an angry baboon stuffed in your trews.

< terug naar menu

 

Johan Vandendriessche - www.soundslike.be, 29/05/2009

Flat Earth Society is het geesteskind van Peter Vermeersch, de Belgische klarinettist-componist die o.m. voor realisaties van choreografen Anne Theresa De Keersmaeker en Wim Vandekeybus, en voor ensembles als Arditti Quartet, Quadro Quartet, Smith Quartet en Ensemble Musique Nouvelle muziek componeerde, en zelf speelde met Union, Fred Frith, Jazzwork, The Simpletons, en lid was van X-Legged Sally en Maximalist! Met Flat Earth Society (afgekort: FES) combineert hij muzikale krachtlijnen van ensembles als Willem Breuker Kollektief, Sun Ra Arkestra, (John Zorn's) Naked City en een beetje Carla Bley Big Band, met die van muziek van Frank Zappa, Nino Rota, John Barry, Igor Stravinsky, en Captain Beefheart. Resultaat: Europese, eclectische stadsmuziek (urban music), waarin hedendaagse klassieke muziek, kermismuziek/muzikale pastiche, filmmuziek, freejazz, onder stroom staande bebop, rock, en noem maar op gecombineerd worden. Vermeersch, die er zeker niet om bekend staat een fervente jazzer te zijn, heeft zich geleidelijk aan met dit ensemble wat meer in een jazzhoek geplaatst, wat ook mogelijkheden opent naar optredens op jazzfestivals in België, Nederland, Frankrijk, enz. Hij wordt bijgestaan door trompettisten Luc van Lieshout (van Tuxedomoon) en artistieke duizendpoot Bart Maris, toetsenist Peter Vandenberghe, bassist Kristof Roseeuw, trombonisten Marc Meeuwissen en Stefaan Blancke, tubiste Berlinde Deman, drummer Teun Verbruggen (van o.m. Jef Neve Trio; wat een drummer!), rietenblazers Tom Wouters, Michel Mast, Bruno Vansina en Benjamin Boutreur, gitarist Pierre Vervloesem, en accordeonist/toetsenist Wim Willaert. FES is zeker geen klassieke bigband, maar zet zich tussen een echte bigband, een ensemble voor hedendaagse muziek, en een ensemble dat een zot geworden fanfare op speed uitbeeldt/is. Met de inbreng van de compositie "Smoke On Fire. The Kingdom Is Burning" van pianist Peter Vandenberghe, komt er een meer impressionistisch, hier en daar misschien wat meer aan een vroegere Gil Evans refererend moment, dat enerzijds wat abstracter overkomt, en anderzijds voor liefhebbers van moderne jazz wat meer aanspreekt. De bij FES/Peter Vermeersch af en toe en mettertijd ietwat procédématig voorkomende zottefanfarefragmenten krijgen ook met de vroeg-Ellingtoniaanse Charly Shavers-compositie "Dawn On The Desert" weer een gesmaakt artistiek tegengewicht. “Mutt” maakt schijnbaar ook gebruik van collageprocédé's, en is –mede door het hyperkinetische drumwerk van Teun Verbruggen)- een van de nog sterkere nummers; hier blijkt ook de artistieke inbreng van Pierre Vervloesem, die hier naast de gitaar ook de knoppen hanteert. FES is een sterk muzikantencollektief, brengt met 'Cheer Me, Perverts' een knappe cd, maar -en dit is puur persoonlijk- wat meer soul (in de brede betekenis van het woord) zou geen kwaad kunnen. Anderzijds kan men natuurlijk zeggen: FES heeft een eigen identiteit, en dat is belangrijker dan om het even welke persoonlijke mening. Pluimpje ook voor de fotografie en de lay-out van knap gemaakte cd-hoes.

< terug naar menu

 

Simon Chandler - www.experimusic.com, 25/05/09
Unlike with politicians, who are often compelled to step down if they even hint at possessing sexual organs, it’s very easy for us to forgive musicians and artists for their personal failings and eccentricities. We forgive Morrissey for being a pleasure-hating misanthrope, we forgive Salvador Dalí for referring to himself in the third person and stealing the pen of anyone who asked for his autograph, and we forgive Frank Zappa for naming his children Moon Unit, Dweezil, Ahmet Rodan and Diva (hopefully none of them work in the building trade). And now we should also reserve some forgiveness for Belgium’s Flat Earth Society, because even though their name seems to suggest a risible belief in the world being flat rather than spherical (or is that ellipsoidal now?), the eccentric, vibrant and often intense jazz on their new long player, ‘Cheer Me, Perverts!’, is more than enough to compensate for any antiquated notion they might hold.
An anagram for the name of clarinettist and band leader Peter Vermeersch, ‘Cheer Me, Perverts!’ is Flat Earth Society’s sixth album, and as the name implies the Flemish group aren’t without an off-kilter sense of humour and play. ‘Vole Sperm Reverie’ escapes from the asylum with twangy, gumball guitars and mischievous, wayward trumpets, modulating at the drop of a hat and generally wrecking the place in a fit of free-spirited energy. But as soon as ‘Rearm, Get That Char!’ enters the scene with its jumpily syncopated rhythms and scenic melange of continental horns and keys, it quickly becomes apparent that FES aren’t one-trick ponies by any stretch of the imagination. They know how to mix mood, setting and pace, regularly doing so within the breadth of one song, and their sometimes patient, sometimes impetuous progressions make for a constantly engaging run of 10 tracks. Witness ‘Blind Inside’: this piece begins in an atmosphere of suffocating tension and drama, its descending piano and menacing spaghetti-western guitar bringing to mind a standoff at dawn between two desperados, before reaching a fever pitch that finds release in an unexpectedly bright and breezy yet still kinetic jaunt through manic flutes and ambrosial vibraphones.
And things actually get better in the second half of the album, with FES stepping up both the intensity and the ingenuity. Track 6, ‘Too Sublime in Sin,’ is a slab of elegantly plaintive midnight jazz severed in half by a jarring rumble of symbols and squawks, a rumble which sees all hell break loose in a joyous riot of uncontainable sax and trombone riffs before reverting to the piece’s original sleepiness. But it’s not just the sequencing of parts that makes ‘Cheer Me, Perverts!’ such an exciting listen. The parts themselves, in particular the sympathetic, dynamic interplay between band members, are just as worthy of praise, often being colourfully multi-layered, tunefully memorable, and full of challenging meter changes. Nowhere is this more apparent than on ‘Flatology,’ which sees the band reach full flight in a whirlwind of effervescent swing licks and erratic free-jazz sections. Here FES flit to and from an air of celebration to emergency as they steadily build momentum towards the song’s peppy finale, and for all their frantic avant-gardisms it’s a highly cohesive and infectious piece of big band jazz.
That’s the beauty of ‘Cheer Me, Perverts!’ Not only does it marry experimental zest and accessible harmony, but it does so with more success and panache than anyone would’ve thought feasible. And for that Flat Earth Society should be revered as one of the best jazz bands around at the moment. Just don’t go anywhere near their science of Flatology. That is unless you possess the artistic talent to magically exonerate you of your weirdness.

< terug naar menu

 

Sharon O’Connell - Time Out, 21/05/09

Bad Linen, track from Crammed Discs LP, ‘Cheer Me, Perverts!.

 

We picked this track for the sole purpose of repeating the post 9/11-joke about the SWAT team hiding out in John Lewis’s homeware department. They were looking for Bin Laden. Boom boom. Moving swiftly on… this is a brilliant piece of avant big-band (14-piece) jazz-funk – bold, brassy, bonkers ans very likely beloved by both Barry Adamson and Matthew Herbert.

< terug naar menu

 

Flat Earthers hurl themselves over the edge

(Sid Smith - bbc.co.uk, 18/05/2009)

You get a lot of bang for you buck with the sixth album released by Belgium's Flat Earth Society. A cavalcade of extrovert performances erupt from this 14-piece group boasting tuba, trombone, trumpet, clarinet, euphonium, various saxes, keyboards, accordion, electric guitar and a riotous rhythm section in its line-up.

The intriguing album title comes from an anagram of the name of group leader Peter Vermeersch and he guides his top-notch players through the same anarchic territory as their last release, Psychoscout (2006), like some wild-eyed pied piper.

Recalling the madcap ensemble tendencies of Loose Tubes or the wry flourishes of Kurt Weill arranged for a Burlesque house band, every piece shines with exuberant, provocative charts.

Themes and variations jump out on top of each in a series of frenetic cat and mouse ambushes with the intricately scripted cartoonish violence of one of Scott Bradley's more fantastical Tom & Jerry scores.

Occasionally Vermeersch dials down the mayhem long enough to allow moments of exquisite sensitivity to be revealed, allowing the listener to pause for breath. Yet too often these are swamped in an avalanche of blaring horns and instrumental comedy routines.

This is a pity because whilst you can't fault the overall playing and inventive air, the hyperactive mania of the arrangements provokes a certain fatigue after a while. Nevertheless big, bold and frequently not so much zany as just plain daft, full marks for the full-on gusto with which these Flat Earthers hurl themselves over the edge.

< terug naar menu

 

Big bang reinvention for big band swing

(Ian Shirley - Record collector, 15/05/09)
Stuart Nicholson’s book Is Jazz Dead? explores the genre from a modern perspective. Two fascinating chapters deal with the Stalinist revisionism of the Wynton Marsalis-led Lincoln Centre jazz programme, which celebrated the old at the expense of the new. Ellington and Basie’s big band music was reproduced, rather then played with the panache and inventive spirit of the originals.
Belgium’s Flat Earth Society would be spurned by the Lincoln Centre, as they turn the big band on its head, shuffling musical genres like a pack of cards. Opening track Vole Sperm Reverie sounds like a TV talk show theme overloaded with musical steroids, while Rearm, Get That Char! sounds like Monk rearranged by John Zorn and Hal Wilmer, with Miles Davis’ 70s wah wah trumpet. Smoke On Fire is a wonderful eight-minute suite that starts with a low bassoon prowl and ends up sounding like the Basie Band playing as they slip off the deck of the Titanic and into the sea; Mutt is a pendulum of pure joy. An album worth acquiring for lovers of jazz, experimental music and anything that swings like the devil.

 

Maartje Den Breejen - Het Parool, 06/05/09

Als je mensen in je omgeving tien jaar geleden vroeg naar Nederlandse bigbands met een opwindend hedendaags repertoire, kwam het antwoord negen van de tien keer niet verder dan het New Cool Collective.

Dat is tegenwoordig wel anders. Mede dankzij het pionierswerk van datzelfde New Cool Collective schieten de bigbands als paddenstoelen uit de grond. De bigband was vorig jaar naast 'vocalen' zelfs een thema op het North Sea Jazz.

In één maand zijn drie albums van relatief jonge bigbands verschenen. Van New Generation Big Band verscheen Shoot. Het Scallymatic Orchestra kwam met het debuutalbum Annie get your gun. En dan verscheen in buurland België nog het album Cheer me, perverts! van de Flat Earth Society.

De bands hebben alledrie hun eigen herkenbare geluid. Verreweg het strakst speelt de New Generation Big Band, met een funky, opzwepend repertoire dat de boxen uitknalt.

Het Scallymatic Orchestra kiest in zijn arrangementen voor een soulvollere benadering, met vaak een belangrijke rol voor Fender Rhodes en vocalen.

De Flat Earth Society is niet per se het beste, maar wel het gekste, origineelste en theatraalste orkest. Swing kan zomaar omslaan in heavy metal, een ballad eindigt plotseling in psychedelische freejazz.

< terug naar menu

 

Andre de Waal - Platomania, 04/05/09

Frank Zappa is alweer meer dan 15 jaar geleden van ons heengegaan maar de muziek van het genie leeft nog immer voor, ofwel letterlijk door allerhande tributebands, ofwel ‘in de geest van’, zoals bij de Flat Earth Society. Dat begint al bij de albumtitel dat een anagram is van voorman Peter Vermeersch, maar het is vooral de muziek van het Belgische gezelschap die onmiddellijk associaties oproept aan de blaaspoeperorkesten die Zappa veelvuldig inzette. Gecompliceerde jazzy songs met veel breaks die ondanks of misschien wel dankzij alle blazers toch prettig wegluisteren, het is bepaald geen muziek voor beginners. Zappa-fans zullen ongetwijfeld goed uit de voeten kunnen met hetgeen wordt geboden op Cheer Me, Perverts! maar ook de avontuurlijke jazzliefhebber moet maar ’s een gokje wagen.

< terug naar menu

 

Jan Willem Broek - www.subjectivisten.nl, 22/04/09

Bonk, larf, Minoes, trap, the Armstrong Mutations, isms en psychoscout. Nee ik ben niet knettergek aan het worden of aan het vrijdichten, het zijn allemaal albumtitels van het enigmatische Belgische ensemble Flat Earth Society. De Big Band geniet wereldfaam met hun vrije, wilde en kleurrijke jazz. Isms wordt zelfs op het Ipecac label van Mike Patton uitgebracht. Voor hun nieuwste cd hebben ze de naam van kopman, componist en klarinettist Peter Vermeersch even flink gehusseld waardoor de titel Cheer Me, Perverts! ontstaat, uitgebracht op het kwaliteitslabel Crammed. Hierop staan ze weer met 15 man sterk te blazen, tokkelen, strijken, toetsen en percuteren. Maar met name de vele blazers hebben hier stevig de touwtjes in handen. Ze maken een zeer energieke, steeds verrassende mix van jazz met rock- en avant-garde-elementen. De ene keer werkt dat biologerend en tot de verbeelding sprekend, de andere keren weten ze te intrigeren en imponeren met kakofonisch en improvisatorische krachttoeren. Een enkele keer brengen ze ook op adembenemende wijze nachtelijk verstilde stukken ten gehore, waarbij je even kunt uitblazen van de heerlijke hectiek ervoor. De traditionele jazz laten ze ver achter zich en maken hier veeleer een gevarieerd en bewonderenswaardig luisteravontuur van. Cheers jongens!

< terug naar menu

 

Koen Van Meel - Kwadratuur, 16/04/09

Een nieuwe plaat van de Flat Earth Society die klinkt als een echte FES-plaat, betekent dat more of the same? Ja, maar hier ook meer én beter. Meer dan ooit klinkt het vijftienkoppige orkest onder leiding van Peter Vermeersch als een bigband die er geen is. De muzikale kwaliteit en discipline van de grote jazzorkesten vindt op 'Cheer Me, Perverts!' haar weg naar een universum waarin de band weinig collega's, laat staan concurrenten heeft.

Funky grooves, wisselende thema's in de traditie van Frank Zappa ('Rearm,Get That Char!'), een dreunende wals, jazz uit oude zwart-witfilms, de groepsgeest van een Balkanband en hier en daar een klein streepje elektronica: het parcours van FES zit nog steeds vol bochten en hellingen. Toch zet het album 'Cheer Me, Perverts!' de evolutie voort waarbij het zuiver eclectische en de gekte (niet de humor of het dubbelzinnige) die er vaak mee samenhangt steeds meer ten dienste van de muziek staan. De verschillende stijlen en de humor worden hier beter dan ooit geïntegreerd in een heel eigen geluid. Het orkest klinkt hechter en de composties waren nog nooit zo doordacht. De balans tussen compositie en improvisatie is heel stabiel: solistische passages passen beter in het geheel en worden goed omkaderd door het arrangement. In deze arrangementen laat Vermeersch horen dat hij oor heeft voor de individuele kleur van instrumenten. Bovendien kiest hij meer dan eens voor een gelaagde opbouw, waardoor de stukken niet alleen blijven boeien, maar ook extra stevig op hun poten staan.

Een voorbeeld van hoe uitgewerkt de stukken op deze plaat kunnen zijn, is 'Bad Linen' waarbij elke solist een andere begeleiding meekrijgt. Door het gebruik van verschillende thema's, grooves en instrumentkleuren klinkt deze compositie als een ontmoeting van het exotische van Ravels 'Bolero', funk, jungledrums en bigbandblazers. Vermeersch weet deze verschillende invloeden tot een organisch en logisch geheel te smeden, waarbij contrasten niet nodig zijn om de aandacht van de luisteraar vast te houden. Wanneer de extremen dan wel opgezocht worden, is het effect maximaal. Zo opent 'Too Sublime in Sin' traag, breed en met een weemoedige ondertoon à la Antony and the Johnsons. Wanneer het hele orkest in blok binnenvalt, wordt het roer bruusk omgegooid: eerst in korte, knallende stoten, later in een pompend ensemblespel. Het resultaat is een ontlading die perfect gekanaliseerd wordt en die menig concertganger zal uitnodigen om de stoelen uit de vloer te sleuren.

Het muzikale vocabularium van FES is indrukwekkend en gevarieerd, waardoor een breed publiek aangesproken kan worden. Wat daarbij eerbetoon is en wat parodie is bij momenten erg vaag. Dat is op deze plaat niet anders, zeker wanneer er uit het klassiek vaatje van de jazz getapt wordt. In 'Flatology' – met een ontketende Teun Verbruggen – knipogen Vermeersch en FES zowel naar de klassieke bigbandstijl als naar swingjazz. Of de springerige melodie daarbij een grijns of een milde glimlach wil zijn, is niet helemaal duidelijk, maar net deze onduidelijkheid is een van de dingen die van FES een uniek orkest maken. En van 'Cheer Me, Perverts!' een hoogtepunt in hun oeuvre.

< terug naar menu

 

United Mutations blog

"Cheer Me, Perverts" (an anagram for Peter Vermeersch) is the latest Flat Earth Society album. This is big band music like you 've never heard before (not counting the previous FES albums). Up-tempo, hyperkinetic, angular and funny melody lines and rhythms are mixed into 10 impressive compositions.
The band has a very rich and colourful sound. The solos are superb and fit in perfectly with the compositions. This is music at its best.
Frank Zappa, Raymond Scott, the Sun Ra Arkestra, … you name it. They're all in there somewhere. This latest FES album is essential listening. But then again, we wouldn't expect less. I want to see cartoons that use this music !!

< terug naar menu

 

Jan Granli, Jazznyt (No)

Iets wat typisch is voor de Europese Jazz hedentendage, is dat vele collectieven ontstaan, of grotere ensembles, die niet zo groot zijn eigenlijk maar die zich bigband noemen, hoewel ze niet groter zijn de een normaal, traditioneel jazzensemble.

Onlangs hebben we de fantastische band Andy Emler MegaOctet gehoord op het Voss Jazz Festival en nu verschijnt de Belgische Flat Earth Society ten tonele.

De band krijgt de zegen van het alternatieve label Crammed Pigs in hun thuisland, wat kan wijzen op een zekere populariteit en de mogelijkheid de band ook aan het werk te zien buiten de grenzen van hun kleine vreemde land in het midden van de (al even merkwaardig) Europese Unie.

De titel "Cheer Me, perverts!" kan men interpreteren als een reactie op de politieke situatie in hun thuisland de laatste jaren – of als de houding van de band tegenover de buitenwereld in het algemeen.

De waarheid is echter dat de titel een anagram is voor Main Man van de band, klarinetist en componist Peter Vermeersch.

De naam Flat Eart Society ontleenden ze aan een gelijknamige organisatie – de Internationale Flat Earth Society, die beweert dat de aarde plat is! Deze groepering werd opgericht in 1956 door de Engelsman Samuel Shenton (later bestuurd door Charles K. Johnson)

De band bestaat uit vijftien olijke muzikanten die zich als dolle mannen storten op de composities van Vermeersch. Typisch middeneuropese muziek met knipogen naar rock, freejazz, hardbop enz, gespeeld met enthousiasme, technische onderlegdheid en een reeks perfecte ensembles en solo’s die inslaan als een bom. Het is ongetwijfeld zo dat de Flat Eart Society – tot nu toe- een van de grootste verrassingen is dit jaar in de muziekbranche.

Tijdens de zomermaanden maken zee en tournee door Europa, dus als u hun naam in een advertentie of op een affiche ziet tijdens uw vakantie, is het tijd om actie te ondernemen en een concert bij te wonen. Ik verzeker u alvast een verfrissend, muzikale ervaring. Hiervoor wordt dubbel en dik gezorgd.

< terug naar menu

 

------------------

 

Psychoscout

 

DOWNBEAT HOTBOX - John Corbett: The '90s downtown New York esthetic and mutated. Flat Earth Society, hailing from belgium, has every bit of the circusy, genre-jumping, soundtrack-esque, Raymond Scott-like, smirky moodiness that characterizes the Knitting Factory diaspora. Where that sound can sometimes turn snarky and sarcastic, the group wisely remains earnest and open, though they are sometimes too clever for unqualified endorsement.
The 14-strong band, weighted toward lower horns and brass, is punchy and dynamic, playfully romping through clarinetist/leader Peter Vermeersch's charts. With a big sound and juicy arrangements, they're stacked with able improvisers, perfectly exemplified on “In Between Rivers”, which breaks down from the huge orchestral sound to an intimate trumpet/drum duet. On “Withhout,” the intimacy happens –this time jittery free play from drums and trombone– in the company of a sedate composed part for piano and band. Drummer Teun Verbruggen deserves special mention for his wide ranging abilities, even if he does cop mercilessly from New York drummer Jim Black on Uri Caine's “Snaggletooth.”
The band breaks from raucous shenanigans a couple of times, including the short vibes feature “Lie To Me” and a less successful vocal forary for Roland Vancampenhout, whose delivery on “Hilton's Heaven” shows an aspiration to capture something of Tom Waits that's too close and, at the same time, way off mark. Vancampenhout's hyped up guitar cameo on “Edward, Why Don't You Play Some Blues” also fails to impress. The band is better when it sticks to its comfort zone, like the intricate cartoonish parts on the title track, which is in 9/8 time.

< terug naar menu

 

www.allaboutjazz.com - Nic Jones: Sit up and listen. Flat Earth Society is a big band with the integrity of a magpie, in the sense that it goes for the shiniest elements of a cultural outlook that takes in a kind of homage to Kurt Weill, incidental music for old TV detective series, and perhaps a touch of Henry Cow at its most formal. All that makes for listening that could have you laughing out loud or wondering happily over the sheer bravura of it all. Catch an earful of “Clusterthing,” featuring a riff ponderous enough to make a stampede of elephants seem fleet of foot by comparison, and traces of such formidable complexity that they should only be listened to whilst grinning maniacally. You might just find your outlook on life is transformed in an entirely positive way. By comparison, “Hilton's Heaven” is an exercise in dark restraint in which deft keyboard touches serve notice of how this band has mastered colour, shedding some light upon the twilit ambience; Roland Vancampennout's vocal sounds like a Belgian J.J. Cale.
When it comes down to it, this is a big band whose music effectively sidesteps the common discussion of the respective merits of sections and soloists. That said, Marc Meeuwissen's trombone on the title track is an embodiment of the bawdy, whilst Bruno Vansina's baritone sax on the oddly named “Lax” blows up the kind of vertiginous storm that's likely to have those of nervous disposition running for cover.
Even greater credit must go to clarinettist Peter Vermeersch and keyboardist Peter Vandenberghe, however, as their compositions make up the programme on Psychoscout—and only rarely in recent times has such coherence between compositional framework and musicianship been acheived. To call it “Ellingtonian” might be both apt and unhelpful, but it doesn't alter the fact that this disc ought to be figuring in those end of year lists, if there's any justice in the world.

< terug naar menu

 

www.allmusic.com - Sean Westergaard: Flat  Earth Society has been making some great, adventurous big-band music for almost a decade, but they're only starting to gain attention outside their native Belgium. Mike Patton helped raise their profile by releasing Isms, a collection taken from their previous four  releases, but Psychoscout is their first album of new material to be released worldwide. Leader Peter Vermeersch's compositions share some similarities with Willem  Breuker: episodic writing that moves quickly from theme to theme with a healthy dose of humor, but FES doesn't have the almost slapstick element that Breuker's Kollektief can have. Vermeersch's tunes are highly cinematic, and would be put to good use in an exciting chase scene ("In Between Rivers," "Lax") or a hard-boiled detective flick ("Lie to Me"). The players are all great, with some especially nice piano by Peter Vandenberghe, fiery solos from Benjamin Boutreur on alto, Vermeersch on clarinet, and the addition of organ or synth on some tracks which gives the big band quite a different flavor than most big bands. FES can also bring the energy down and deliver a smoky ballad, with vibraphones adding a nice nocturnal touch on "Lie to Me." "Without" starts with a slow piano figure and some outside horn playing before moving  into a section with spooky keyboards and vibes, and then into a lurching  groove. They really know how to use dynamics to keep the pieces moving, and Vermeersch's horn charts are fantastic. If you thought big band music in the 21st century was confined to repertory bands, think again. Flat Earth Society is a hard-swinging outfit that knows the past but has its eye on the future, and Psychoscout shows that there's a whole lot of life yet in the big band tradition.

< terug naar menu

 

www.allaboutjazz.com - Troy Collins: This Belgian big band has made quite a name for itself on the international underground scene. After touring with Mike Patton's postmodern metal band Fantomas, the group accrued some well deserved notoriety for its boundless spirit and unconventional outlook. While the members of the Flat Earth Society can readily ply pre-war 1940s big band charts with conviction and emotional commitment, they can also whip up a frenzy in the matter of such postmodern iconoclasts as John Zorn and Phillip Johnston. With a cracked aesthetic residing somewhere between Carl Stalling, Raymond Scott and Frank Zappa, the FES projects an in-your-face attitude. Founding composer Peter Vermeersch, formerly the leader of experimental Knitting Factory favorite X-Legged Sally, has covered everything from Louis Armstrong to the Residents with this lineup, as well as performing film soundtrack work. Psychoscout finds them exploring a varied set of original tunes that never lack invention.
The melodramatic screams interwoven into the furious free bop of the noir apocalypse ”Clusterthing” only begin to hint at the lunacy to come. “Hilton's Heaven” includes maniacal narration worthy of the surrealism of Fred Lane, and “Gulls and Buoys” blends vintage Henry Mancini with a powerhouse rhythm. “Edward, Why Don't You Play Some Blues” is an electric meltdown featuring the acidic skronk guitar of guest soloist Roland Vancampennout.
The title track is a blistering workout that defines the group's aesthetic, featuring contrapuntal horn charts, brassy fanfares, serpentine reeds, propulsive rhythms and boisterous solos. This is an acoustic big band with the energy of an electrified punk band. But much like punk, the group's enthusiasm and vigor is sonically accessible: it's never so extreme that it drifts into cacophonous excess.
“ Lie To Me” and “Waterman” drop the energy level a notch, convincingly demonstrating the massive groups capacity for tenderness and lyricism, if only briefly. “Snaggletooth” is the inverse, a postmodern excursion into stylistic chameleonism, complete with modulated tempos, genre changes and extreme dynamic shifts in volume and density.
There are few contemporary ensembles in modern music that quite fit into the same category as this energetic and zany outfit. As unique and virtuosic as it is creative, the FES has a sure-fire winner with Psychoscout. Be sure to check your sonic inhibitions at the door.

< terug naar menu

 

The Guardian - John L. Walters: Belgian composer Peter Vermeersch, formerly of X-legged Sally, knows how to make a big noise whatever the size of the band. Now, with the 14-plus members of Flat Earth Society, he can make an even bigger racket. “Big Band” can mean anything from the National Youth Jazz Orchestra to Lambchop, but this one makes a sound that's somewhere between the electric jazz of Acoustic Ladyland and an abrasive Dutch new-music ensemble such as Orkest de Volharding. Saxes honk, bass guitars rattle, brass broods: only Steve Martland or Mike Westbrook do anything like this in the U.K. Vermeersch's tunes are angular and engaging, with a strong dose of the blues on dramatic epics like Hilton's Heaven and Edward, Why Don't You Play Some Blues, a touch of flamenco on Lax and some spirited improvisation on the sole non-original, Uri Caine's Snaggletooth.

< terug naar menu

 

------------------

 

FES-isms

 

Scratchrecords.com: “Founded by clarinetist, saxophonist, composer/arranger Peter Vermeersch, Flat Earth Society has become one of Belgium’s most original bands on the jazz and avant-garde musical scene. Although the music of the 17 man FES has its roots in big band music, there is also a moment when the cleverly disguised humor and sarcasm shine through. FES greedily draws from influences such as swing, mambo, latin, chanson, cabaret, R&B and freestyle. Isms is a 19 track compilation showcasing tracks from previous FES albums (import only) as well as some unreleased material chosen by our own Mike Patton".

< terug naar menu

 

Allmusic.com - Sean Westergaard: Love him or hate him, Mike Patton has very eclectic taste in music, and he's putting his money where his mouth is with the Ipecac label. Earlier in 2004, he had licensed Eyvind Kang's beautiful Virginal Co Ordinates from the Italian I Dischi di Angelica label, now he turns to Belgium (!) to give wider exposure to the Flat Earth Society, a progressive big band formed from two defunct Belgian groups, X-Legged Sally and Fukkeduk. The resulting album, Isms, draws from their four prior releases and presents a band capable of everything from beautiful chamber jazz miniatures to slinky crime-theme jazz noir to driving rock rhythms. The shorter pieces tend to be cues from their Minoes soundtrack album, and often serve as interludes between longer pieces. As mentioned, several of the tracks ("O.P.E.N.E.R.," "Zonk," "De Zoekactie") could have been put to good use the theme for some crime drama. "Pune" sounds something like an Asian brass band with crazed galloping percussion and a manic kazoo solo that sounds something like Rahsaan Roland Kirk playing kazoo instead of flute. "Funeral & Binche" starts out like New Orleans funeral music, then shifts gears and becomes quite exuberant. "Ellemeet en de Katten" is a short but menacing piece that contrasts nicely with the moody, nocturnal bass, Rhodes, and vibes of "Tibbe Hoort Iets." The songs are all very approachable, but there's plenty of punch in the playing and soloing and great detailed arrangements. Fans of progressive jazz orchestras and big bands like Pierre Dørge's New Jungle Orchestra, Sun Ra, and even Frank Zappa should find a lot to enjoy here.

< terug naar menu

Pitchforkmedia.com - Matthew Murphy: At first glance, Mike Patton's noise-mongering Ipecac label may seem like an odd home for Flat Earth Society; then again, this avant-garde Belgian big band would seem like a misfit in any company.
Led by veteran composer and clarinetist Peter Vermeersch, Flat Earth Society are well-versed in a broad array of big band jazz vocabularies, and their music is an unruly confluence of Carl Stalling's "Merrie Melodies", Henry Mancini's cosmopolitan swank, and Sun Ra's cosmic slop-- all performed with the whiplash attention span of John Zorn's Naked City. The group's previous four albums have only been available in the U.S. at import prices; so on Isms, Patton has thoughtfully compiled 19 introductory tracks-- including a couple previously unreleased ones-- to help bring you up to speed with FES's brand of lunacy.
Due to the band's rambunctious nature each FES album displays multiple personalities, but Isms compounds this schizophrenia by drawing material from such distinctive records as 2002's Minoes, the soundtrack to a children's movie, and 2003's The Armstrong Mutations, on which the group re-interprets the works of Louis Armstrong. As a result this collection undergoes such violent mood shifts from track to track that you'll either be enthralled by FES's seemingly bottomless creativity or else you'll feel like you just spent an afternoon on the Tilt-A-Whirl after a heavy lunch of ketchup and mustard.
Like many European jazz acts, Vermeersch and FES draw as much inspiration from such 20th century composers as Stravinsky or Bartok (not to mention art-rockers like Zappa or Beefheart) as they do from the blues or other more traditional American sources. These artier influences are especially evident on some of the shorter orchestrated pieces from the Minoes soundtrack like the Morricone-esque "Minoes Op Boodschap" or the mischievously atmospheric strings of "Ellement En De Katten". But they also surface on longer songs like "Zonk" or "Trap", which emphasize complex, turbulent arrangements and strenuous group interplay over solos or individual virtuosity.
The group's size and membership fluctuate (There may be as many as 20 players on some tracks) but regulars like bassist Kristof Roseeuw, trumpeter Bart Maris, and tuba player Leonaar De Graeve consistently deliver memorable performances. Best of all might be the two tracks here from The Armstrong Mutations, the percussive-heavy "(Little) King Ink" and the woozy Preservation Hall stomp of "Funeral and Binche", both of which strike the ideal balance between reverence and radicalism while Vermeersch plays his horn as sweetly as Sidney Bechet. Hopefully fleeting interludes of near-perfection like these are enough to sustain you while you chase Flat Earth Society around hairpin turns on theirÊunending quest to capture the next hot moment.

< terug naar menu

 

------------------

 

The Armstrong Mutations

 

P-Magazine: Woorden schieten tekort om de kwaliteiten van deze cd te roemen! Dit is zowat de intelligentste, mooiste, opwindenste, spannendste en exuberantste mensenmuziek die ik de laatste tijd heb mogen horen.

< terug naar menu

 

Focus Knack: Armstrong Mutations is een plaat zonder compromissen, vol muzikale durf en kunde, en gespeeld door een bende die met zichzelf kan lachen. Kortom: niet te missen.

< terug naar menu

 

------------------

 

Trap

 

Humo:"(...) Het titelnummer Trap en O.P.E.N.E.R hadden bijvoorbeeld goede soundtracks voor een Amerikaanse gangsterfilm uit de seventies kunnen zijn. (...) Als nog maar 10 % van de mensen die naar Minoes zijn gaan kijken Trap kopen, hoort u ons de komende jaren niet klagen."

< terug naar menu

 

Focus Knack: "(...) Trap is een spookachtige, gewaagde plaat. Wat Vermeersch de luisteraar wil vertellen, is niet altijd duidelijk, maar het is allerminst vrijblijvend."

< terug naar menu

 

------------------

 

Minoes

 

Knack:"Een goed idee van regisseur Vincent Bal om Peter Vermeersch te vragen om de score van deze kattenfilm te componeren. De muziek is beweeglijk en onvoorspelbaar als een poes."

< terug naar menu


Filmkrant: "Zo zie je Minoes niet alleen in haar hoge hakjes over het dak sluipen, je hoort het haar ook doen in de vorm van een warme 'walking bass' en zachtjes over de bekkens trippelende drumstokjes. De gitaren klinken soms toepasselijk krols, de basklarinet spint behaaglijk als een raskat op een elektrische deken. En als kers op de slagroom permitteert Vermeersch zich af en toe een muzikaal grapje."

De film Minoes werd bekroond met o.a. het Gouden Kalf. Peter Vermeersch werd met de soundtrack genomineerd voor The World Soundtrack Awards 2002 voor het beste debuut

< terug naar menu

 

------------------

 

Larf

 

Rotterdams Dagblad:"Peter Vermeersch' composities pushen en drijven de voorstelling voort als jagende donderwind. Schitterende muziek."

< terug naar menu

De Standaard: "...een ronduit indrukwekkende batterij, die in brede energiestromen imponeert, in de stille momenten ontroert en op het eind iedereen besmuikt in eigen hart doet kijken. Een dwingende ervaring."

De voorstelling Larf van en met Josse De Pauw en Peter Vermeersch werd bekroond met de Océ Podiumprijs 2000. De cd is de live registratie van de voorstellingen in de Stadsschouwburg van Brugge.

< terug naar menu

 

------------------

 

Bonk

 

Oor:"De slimme blazerarrangementen doen af en toe herinneren aan zwierige circussen en zwoele nachtclubs (...) soms komen zelfs lang vervlogen Belgische avant-gardegroepen bovendrijven. (...) Een even karakteristieke als mooie plaat."

< terug naar menu

 

Knack: "Peter Vermeersch is een meester in het, bijna argeloos, citeren uit de muziekgeschiedenis. Waarschijnlijk de meest wendbare big band die er bestaat."

< terug naar menu

 

------------------

 

Live At The Beursschouwburg

 

De Morgen:"De muziek van FES klinkt speels en prettig gestoord: ze houdt het midden tussen jazz, cha cha cha, filmmuziek en frivole kermisdeuntjes. (...) Op dit live-debuut bewijst Flat Earth Society dat eenvoud ook complex kan zijn en dat ingewikkeld niet noodzakelijk synoniem is met navelstaarderig."

< terug naar menu

Knack:"Belgische big bands zijn wat duur geworden sinds de opkomst van de jukebox, maar subsidies en wild speelplezier doen soms wonderen. Een voorbeeld van dat laatste is The Flat Earth Society, een big band-achtige formatie van Peter Vermeersch. (...) Balorige satire gaat er samen met speelplezier, humor en technisch kunnen."

< terug naar menu

 

 

Cheer Me, Perverts!

Zilke

Modernski

De Oesterprinses

Heliogabal

London Jazz Festival

 

------------------------------------------------------------------------------

 

Cheer Me, Perverts!

 

Bruno Bollaert - www.gentblogt.be, 27/04/09

Er werd links en rechts geclaimed dat FES –Flat Earth Society voor de vrienden– hun jongste bij hun ging komen voorstellen. Nu is FES het huisorkest van Vooruit, dus die anderen aantijgingen leken ons toch wat bij het haar getrokken. En jawel, Cheer me perverts (een anagram, en u mag raden waarvan) werd donderdag voor de eerste keer gespeeld voor een enthousiast publiek in de Theaterzaal.
In het voorprogramma speelde Paavo, een zweudsche groep, wiens debuutcd door het moederland als beste jazzalbum van dat jaar werd uitgeroepen. Gezellig, dat wel, maar wij waren niet zo overtuigd. De groep speelde een soort jazz dat ons iets té hevig terugvoerde naar de gepopulariseerde minimalistische muziek uit de jaren 80, en pakweg Meredith Monk. Waarschijnlijk zaten we gewoon met groot ongeduld op de hoofdschotel te wachten.
FES is altijd een beetje FEeSt –u vergeeft mij de woordspeling, maar ze zijn zelf begonnen met dat anagram. Maar kom, het feestelijk fanfaregevoel is nooit veraf met al die blazers. Voeg daar nog eens de fantastische humor bij en eigenlijk kan de avond al niet meer stuk. Met de nieuwe cd –de tweede op het Crammed label– heeft FES opnieuw mooi werk afgeleverd; typisch FES, vol spanning –dat liet zich goed vertalen op het podium. Ook gitarist Pierre Vervloesem laat duidelijk van zich horen, door het lawaai van de blazers heen.
Gaat dat zien, gaat dat horen, benieuwd of u net zo enthousiast bent als het publiek donderdag.

< terug naar menu

 

 

Zilke

 

Gebroken harten te koop
(Wilfried Eetezonne - De Morgen, 11/08/08)

Heeft Hemia last van een gebroken hart, dan zeker Zilke (3 sterren) in de gelijknamige musical van Walpurgis. Zilke (Charlotte Vandermeersch) kan zich het lot van mensen zo hard aantrekken dat haar hart breekt en ze sterft. Door het lied van de dood komt ze telkens weer tot leven. Door die gave zal ze in een gruwelijk circus belanden waarvan de bazin (Eurudike De Beul) de koningin van het worldwide entertainment wil worden. Rafaël (Geert Vandyck), een in verzen sprekende ondernemer die denkt dat met geld alles te koop is, zal Zilke uiteindelijk redden. Ze valt nog voor hem ook.
Judith Vindevogel regisseert de tekst van Pieter de Buysser, Dood en Ontwaken in Circus Ngemak, die duidelijk vragen stelt bij de emocultuur en de steeds hongerige entertainmentwereld die zelfs de puurste gevoelens kan verslinden. Dat ze dit doen in een musicalvorm, zorgt voor een ironische laag. Het stuk twijfelt nog teveel of het een sprookje wil zijn of niet en lijkt daarom uit evenwicht.
Peter Vermeersch componeerde in elk geval een prachtige score die dan weer jazzy is, dan weer bulkt van oosterse klanken. De muzikale kronkels passen perfect bij de bizarre ondertoon van het gebeuren net als de soms slimme, soms zeer flauwe lyrics. Maar nergens wordt Vermeersch te abstract. Dat het Flat Earth Society als orkest dient kan alleen maar een voordeel genoemd worden. Er wordt door iedereen uitstekend gespeeld en redelijk gezongen hoewel Walpurgis nogal pech had in Hasselt. Een kwartier voor de première barstte er nog een regenbui los en ook de speelplek was nogal krap bemeten.

< terug naar menu

 

Modern theater met parodie op musical en circus
(Hein Janssen - De Volkskrant, 01/09/08 – 3 sterren)

Volkomen zot, maf en mallotig - dat is de voorstelling Zilke, dood en ontwaken die in het Zeeland Nazomer Festival afgelopen weekend voor een welkome afwisseling zorgde in de serie voorstellingen over zware onderwerpen.
In een bos bij Goes heeft het Vlaamse gezelschap Walpurgis een tent neergezet en een grote tribune gebouwd, waarop zo'n driehonderd man kan plaatsnemen. In die tent wordt muziek gemaakt door de Vlaamse bigband Flat Earth Society en de artiesten van Walpurgis voeren een even absurd als obstinaat sprookje op.
Het is modern muziektheater, met lichte parodieën op een wereld van musical, entertainment en circus. Over het meisje Zilke, dat al sinds haar geboorte over de opmerkelijke gave beschikt een paar keer per dag dood te vallen, om daarna weer vrolijk verder te leven. Zij wordt aldus een circusact en komt terecht bij een sjofele artiestenfamilie, waarin twee zusjes een onwaarschijnlijke act doen met een grote flamoes, waarin hele kreeften en paraplu's verdwijnen.
In de Vlaams-absurdistische traditie van cartoonisten als Kamagurka en Topor is Zilke, dood en ontwaken muziektheater geworden met cartoonachtige allure. De tegendraadse composities van Peter Vermeersch worden door de Flat Earth Society fantastisch gespeeld. Dit is spetter- en tettermuziek van hoog niveau, soms langs grillige, onverwachte lijnen, soms sensationeel uithalend. Helaas blijft de tekst daarbij achter: de rijmelarij is wel erg plat, en je moet er tegen kunnen, tegen die Vlaamse hang alles bewust knullig en lullig uit te willen spelen.
Maar het publiek smulde ervan; de lachsalvo's waren niet van de lucht en na afloop werden de artiesten beloond met langdurig applaus en bravo's.
Het Zeeland Nazomer Festival heeft tot eind deze week een hit in huis, in een bos aan de stadsrand van Goes.

op de blog van Rolf Bosboom, journalist vanuit Zeeland:

Een eerste tip van de sluier die het Zeeland Nazomerfestival nog omhult, wordt dezer dagen opgelicht in Hasselt (B), tijdens het bezoekenswaardige festival Theater op de Markt. Daar is de productie Zilke te zien, over enkele weken een van de vier locatievoorstellingen tijdens het Zeeuwse festival. Plaats van handeling zal dan stadspark de Hollandsche Hoeve in Goes zijn. In Hasselt wordt het opgevoerd op een binnenplaats in de stad zelf, omzoomd door een klooster.
Zilke is een wonderlijke productie, een aanvankelijk vrijwel niet te volgen verhaal over het meisje Zilke dat meerdere malen per dag sterft om door de dood weer tot leven te worden gewekt. Haar moeder exploiteert haar door Zilke te verheffen tot circusact. Geleidelijk wordt duidelijk hoezeer alles als metafoor kan worden gezien, zonder dat die tot in detail wordt ingevuld.
Het stuk is een mengeling van circus, parabel, musical, variété en wat al niet meer, met vooral prachtige muziek van Peter Vermeersch, uitgevoerd door zijn Flat Earth Society. De mooie Charlotte Vandermeersch overtuigt in de titelrol. Niet iedereen zal met Zilke uit de voeten kunnen, maar het Nazomerfestival staat in elk geval een opmerkelijke, gedurfde productie te wachten.
Het was mooi om in Hasselt te zien hoe de nonnen af en toe de gordijnen openschoven om te zien wat er op het plein gaande was, maar al snel dachten zij er het hunne van en gingen een voor een de lichten uit, zeker na de uiterst scabreuze scène van 'Patsy Andersuitgedraaid' en 'Greet Van Dieperin'.

< terug naar menu

 

Wát wordt er nu geparodieerd, de kunst of het leven?

(Willem Nijssen - PZC, 01/09/08)

Naar het theater gaan, dat is bijna altijd een bewuste daad.
Er moet gepland, eventueel gereserveerd, speciaal gekleed misschien, in ieder geval op tijd vertrokken worden. Zelfs in de meest open geest moet dan toch stiekem een verwachting binnensluipen. En tijdens of achteraf moet daar dan weer iets mee gebeuren. Bevredigd, bijgesteld, opzij gezet. Getoetst.
Dagelijks werk voor een criticus. Soms zou het zoveel leuker zijn om geheel onverwachts een voorstelling tegen het lijf te lopen, onderweg naar de supermarkt of naar het werk, en daar dan kort of lang in op te kunnen gaan. Hem nooit vermoed te hebben, en misschien hem dan gewoon weer te vergeten. Alleen de tijd stond even stil. Zo'n soort voorstelling zou Zilke voor mij wel mogen zijn. Muziektheater, omschreven als 'een existentiële farce'.
De tijd staat stil, het leven gaat door. Terwijl ik het schrijf, besef ik dat het dát is wat de hoofdpersoon, het meisje Zilke, steeds meemaakt. Absurd gegeven.
,,Verschillende keren per dag breekt, overmand door mededogen voor het lijden van de mens, Zilkes hart en sterft zij, om even later door de genadeloze Dood weer tot leven te worden gewekt." Daar zit volgens haar radeloze moeder een circusact in, en daarom moet de weigerachtige Zilke ondergebracht worden in het kwakkelende circus van de grootouders. Samen met de Iraakse herder Abbas, op wie ze na weer zo'n wederopstanding juist verliefd is, wordt ze met dat doel gekidnapt. "Dan verschijnt plots Rafaël ten tonele, een jonge ondernemer die stapelgek is op Zilke en denkt met geld en liefde alles te kunnen kopen." Een waanzinnig melodrama met verrassende, onzinnige en onduidelijke afloop.
Elk circus heeft een orkest. Hier is dat Flat Earth Society, een 14-koppig gezelschap onder leiding van Peter Vermeersch. Makers van muziek die eigenlijk niet te omschrijven valt. Jazz, rock, opera, alles valt er wel in te herkennen. Pure improvisatie, naar het lijkt, maar waarschijnlijk toch met een knappe partituur. Geen minuut is het stil of rustig op de scène. Opzwepende circusmuziek, melodramatische opera, vrolijke jazz om heel dat zotte verhaal met een expressionistische schwung neer te zetten.
En zot wordt het, zo af en toe. Kolderiek hoogtepunt is de onverbloemd seksuele show van de twee assistentes van de verlopen goochelaar Bernard. Patsy Andersuitgedraaid en Greet Van Dieperin. Diep er in, dat gaan ze zeker. Poëtischer is de show van herder Abbas met zijn zeven geitjes. Géén geitje te zien, en toch zijn ze er alle zeven, met hun kunstige sprongen, óver hun baasje, dóór de hoepel...
Er voltrekt zich een koningsdrama, in aantal lijken grootser dan de Hamlet, maar aanzienlijk komischer en onnozeler dan zijn grote voorbeeld. Zilke is één grote parodie. Dat wéét je. Zelfs als je niet eens meer weet wát er nu eigenlijk geparodieerd wordt, de kunst of het leven. Dat zou je misschien wel graag wíllen weten, maar dat zal zo simpel nog niet zijn.
Tijdens het schrijven van deze recensie zit ik te luisteren naar de muziek van Flat Earth Society (www.fes.be, klikken op 'beluisteren Answer Songs' voor een aantal boeiende fragmenten) en heb ik al volop spijt dat ik mijn oren niet beter heb gebruikt. Wat heb ik allemaal gemist, door vooral op mijn ogen te vertrouwen? Je hebt ze álle vier (en zeker die eerste twee) hard nodig, tijdens deze Zilke. Pak ze mee! En het vrolijkst zal je er van worden als je je verwachtingen voor één keer thuis laat. Gewoon, per ongeluk vergeten...

< terug naar menu

 

Morbide Belgisch sprookje
(Anneriek De Jong - NRC Next, 01/09/08) ****

Tussen de bomen hangen slingers van kleurige lampjes. Zilke wordt gespeeld op een feeërieke plek. Het Vlaamse muziektheatergezelschap Walpurgis is neergestreken aan de rand van Goes, in een park met oude perelaars en vroege nachtegaaltjes. Maar zo vredig als het daar in de avondschemering oogt, zo grimmig klinkt het verhaal van Zilke.
Het meisje met de op het Vlaamse verkleinwoord van 'ziel' lijkende naam, lijdt aan een vreemd symptoom. Verschillende keren per dag breekt haar hart, uit medelijden met het lot van de mensen. Maar steeds wekt de dood Zilke weer tot leven. Ja, librettist Pieter de Buysser schreef een morbide sprookje. En componist Peter Vermeersch leverde er wilde muziek bij.
Muziek die van klassiek melodisch tot het meest burleske gaat, van heel verheven tot uiterst banaal. De big band Flat Earth Society, die vooral uit blazers bestaat, toetert er op los terwijl Zilke zingt. Haar vertolkster Charlotte Vandermeersch heeft een lyrische alt en draagt een groen, bijna buitenaards pakje.
Helaas buit Zilkes moeder de gave van haar dochter uit. Het meisje dat dood en ontwaken in zich verenigt, moet tegen haar zin naar het circus. Daar treedt ze op temidden van ranzige acts en 's nachts wordt ze in een kooi opgesloten.
Wat de makers met dit alles bedoelen blijft enigszins raadselachtig. Kritiek op de entertainmentindustrie, die onschuldige zielen koopt, zit er zeker bij, maar belangrijker nog is de artistieke vrijheid die de mengeling van circus, rariteitenkabinet en variététheater biedt. Regisseur Judith Vindevogel leeft zich uit in groteske figuren en schrille, bonte beelden. De tekst rijmt, het ritme klopt, de spanning houdt lang aan. Het Zeeland Nazomerfestival zindert - een paar dagen nog.

< terug naar menu

 

Op de blog van Rolf Bosboom, journalist vanuit Zeeland

Een eerste tip van de sluier die het Zeeland Nazomerfestival nog omhult, wordt dezer dagen opgelicht in Hasselt (B), tijdens het bezoekenswaardige festival Theater op de Markt. Daar is de productie Zilke te zien, over enkele weken een van de vier locatievoorstellingen tijdens het Zeeuwse festival. Plaats van handeling zal dan stadspark de Hollandsche Hoeve in Goes zijn. In Hasselt wordt het opgevoerd op een binnenplaats in de stad zelf, omzoomd door een klooster.
Zilke is een wonderlijke productie, een aanvankelijk vrijwel niet te volgen verhaal over het meisje Zilke dat meerdere malen per dag sterft om door de dood weer tot leven te worden gewekt. Haar moeder exploiteert haar door Zilke te verheffen tot circusact. Geleidelijk wordt duidelijk hoezeer alles als metafoor kan worden gezien, zonder dat die tot in detail wordt ingevuld.
Het stuk is een mengeling van circus, parabel, musical, variété en wat al niet meer, met vooral prachtige muziek van Peter Vermeersch, uitgevoerd door zijn Flat Earth Society. De mooie Charlotte Vandermeersch overtuigt in de titelrol. Niet iedereen zal met Zilke uit de voeten kunnen, maar het Nazomerfestival staat in elk geval een opmerkelijke, gedurfde productie te wachten.
Het was mooi om in Hasselt te zien hoe de nonnen af en toe de gordijnen openschoven om te zien wat er op het plein gaande was, maar al snel dachten zij er het hunne van en gingen een voor een de lichten uit, zeker na de uiterst scabreuze scène van 'Patsy Andersuitgedraaid' en 'Greet Van Dieperin'.

< terug naar menu

 

------------------

 

Modernski

 

'Muzikale koekoekseieren'
(Karel Van Keymeulen - De Standaard, 22/01/09)


BIG BAND FLAT EARTH SOCIETY SPEELT MUZIEK DIE NIET VERGETEN MAG RAKEN.

Met het programma 'Modernski' gooit Flat Earth Society, de onnavolgbare big band geleid door Peter Vermeersch, zich op een uiteenlopend repertoire, met werk van Stravinsky, Mauricio Kagel, Ennio Morricone en eigen stukken.

 

'De aanzet om Modernski in elkaar te steken, was een vraag van Mark Delaere van het Festival van Vlaanderen- Vlaams Brabant om het Ebony Concerto van Stravinsky te spelen', vertelt componist en bandleider Peter Vermeersch. 'Stravinsky schreef dat concerto voor de beroemde big band van Woody Herman en klarinettist Benny Goodman tijdens de gloriejaren van de swing.'

'Het is een van de meest geslaagde voorbeelden van een wisselwerking tussen klassiek en jazz. Klassieke componisten die met jazz aan de slag gaan, knoeien wat met blue notes, maar het komt het nooit uit de buik, zoals echte jazz. Een beetje zoals operazangeressen die gospel zingen. Dit blijft Stravinsky. Het zit heel gewiekst in elkaar. Door het te spelen en te ontleden leer je zijn trucs. Het is echt geweldig. Ik ben een fan van de componist. Onlangs ben ik in het Paleis voor Schone Kunsten voor het eerst gaan luisteren naar zijn Sacre du Printemps, gespeeld door de Berliner Philharmoniker. Het was geweldig.'

Een tweede hoofdmoot vormt een werk van Mauricio Kagel, Zehn Märsche, um die Sieg zu verfehlen. 'Dat zijn tien marsen van ongeveer drie minuten. De essentie van een mars zit erin. Al is het natuurlijk iets complexer. Maar je mag ze spelen met gelijk welk orkest. Kagel wilde dat het zou klinken als een valse verkouden dorpsfanfare. Een kolfje naar onze hand. We bouwen het wat op zoals muziektheater. We spelen drie marsjes, stoppen er een toespraak van Josse De Pauw uit onze productie Larf tussen, en ook Non loin de la Chine van Ennio Morricone. Die vrijheid krijg je als uitvoerder. Het is immers een stuk dat protesteert tegen dictaturen. Kagel, een Zuid-Amerikaan, schreef het in 1978. Toen liepen daar nog aardig wat dictators rond.'

'We gaan op zoek naar koekoekseieren in de twintigste-eeuwse muziek. Meestal muziek die op partituur staat, maar die weinig wordt gespeeld of vergeten is. Zoals het stuk Intersections van Tom Dissevelt, bassist van het vermaarde radio-orkest The Skymasters. Hij schreef bijna alle arrangementen voor die band en één volledig eigen werk in 1960. Hij heeft er zelfs een krakkemikkige opname van gemaakt en er elektronische effecten in gestopt. Het was voor ons een hele ontdekking, een beetje zoals Paul Van Nevel een oude polyfonische meester ontdekt.'

'We doen voorts ook nog iets met Stop Rag Time van Scott Joplin en vullen het programma voor de rest aan met eigen stukken, onder meer als tegengewicht voor de marsen.'

Het valt op, Vermeersch valt nooit stil. Is het niet met Flat Earth Society, dan is hij aan de slag als producer van bands als Het Zesde Metaal of Madenseyu of werkt hij voor film of theater.

'Vorig jaar heb ik amper twee dagen vakantie kunnen nemen', vertelt hij. 'Ik schreef muziek voor My Queen Karo, een film van Dorothée van den Berghe die straks in première gaat. Het is een schets van Amsterdam in de jaren zestig en zeventig, gezien door de ogen van een negenjarig meisje dat in een commune werd opgevoed. Het leven was er voor zo'n meisje veeleer een hel. Ik kon goed mijn gang gaan omdat die personages veel naar muziek luisteren en dan nog vaak free jazz. Eind dit jaar schrijf ik iets voor theatergezelschap Ceremonia.'

In april verschijnt een cd van Flat Earth Society met nieuw werk. Eind dit jaar volgt de release van Answer Songs. 'Dat zijn songs geschreven door allerlei musici en tekstschrijvers, antwoorden op bestaande songs', zegt Vermeersch. 'Daarnaast zoek ik voortdurend werk voor de band. Ik wil weer iets doen met stille films. Ik broed ook op een plan om in 2012 iets te maken rond de honderdste verjaardag van de ondergang van de Titanic, omdat ik een prachtig boek las over de ijsberg waartegen de Titanic botste. Die ijsberg was twee jaar onderweg voor hij de Titanic ramde en weer rustig verder ging. De Titanic zie ik als een metafoor van menselijk hoogmoed. Vandaag zijn alle ijsbergen trouwens aan het smelten.'

Maar eerst wil Vermeersch vooral wat uitblazen en meer klarinet spelen. 'Daar neem ik nu te weinig tijd voor. De dag is alweer voorbij en ik ben vergeten klarinet te spelen.'

< terug naar menu

 

------------------

 

De Oesterprinses

 

Flat Earth Society bezorgt stomme film een stem

(Brecht Ranschaert – De Standaard 10/10/05)

 

Met milde gekte schiep de Flat Earth Society een sfeer van satire en absurditeit.

Met pretentieloze flair maakte componist Peter Vermeersch leuke muziek bij de groteske film De Oesterprinses.
Ondersteunt filmmuziek de film, of is het omgekeerd? Zeker bij een stomme film liggen de rollen niet altijd even duidelijk vast. Peter Vermeersch, drijvende kracht achter de Flat Earth Society, schreef nieuwe muziek voor De Oesterprinses , naar verluidt een juweeltje van cineast Ernst Lubitsch uit 1919.

Een juweeltje? "Het is een groteske, onnozele prent, en de muziek moet dat volgen'', zegt Vermeersch. "Zoals de muziek in de oude Tex Avery-tekenfilms de beelden meestal versterkte met accenten en klanknabootsingen, doe ik dat ook bij De Oesterprinses . Maar doordat het een stomme film is, had ik meer vrijheid. Af en toe konden we ervoor zorgen dat de film de muziek diende, en niet omgekeerd.''

Met pretentieloos, frivool plezier bootsten Vermeersch en zijn Flat Earth Society de klank van een snurkende man na of werden vallende vazen begeleid door knallende uithalen van het orkest. Op andere momenten volgde de muziek vooral de sfeer van de film. Maar nooit nam het beeld volledig de overhand op het geluid: dat de mooiste filmmuziek diegene is die je niet hoort, gelooft Vermeersch niet. De stiltes die af en toe vielen, dienden vooral om de muziek nadien des te steviger te kunnen inzetten.

Die Austernprinzessin is een satire op de nouveaux riches van het begin van de twintigste eeuw. In het vederlichte verhaaltje wil de rotverwende dochter van de Oesterkoning van Amerika zo snel mogelijk trouwen. Een huwelijksmakelaar krijgt daar een pak geld voor en duikelt uit zijn aanbod een nogal slonzige prins op – "Voor deze prijs scheelt er aan elke huwelijkskandidaat wel iets, mevrouw'', is zijn verdediging. Maar in al haar ongeduld trouwt de Oesterprinses per ongeluk met de knecht van de prins.

Dit vroege werk van de legendarische Duitse cineast Ernst Lubitsch zit vol absurde humor. De handicap van de stomme film werd door Lubitsch opgelost doordat hier en daar, tussen de scènes door, een zin geprojecteerd werd die door een van de personages gezegd werd. Af en toe ook was er plaats voor een dikwijls hilarische situatieschets, zoals "Tijdens het bruiloftsfeest breekt plots een foxtrot-epidemie uit''.

Die sfeer van satire en absurditeit werd feilloos naar muziek omgezet door de Flat Earth Society. Het ensemble is van nature al prettig gestoord, en laat zich weinig leiden door conventies binnen de muziek. Ook in hun jazzprojecten durven ze ver gaan, steeds met erg veel humor in de muziek.

Het indrukwekkendste aan het project, en waarschijnlijk het moeilijkste aspect ook, was de erg goede synchronisatie tussen klank en beeld. Een filmcompositie, zeker in dit genre, moet zodanig gekneed worden dat de muzikale accenten perfect samenvallen met wat er op het scherm gebeurt, maar tegelijkertijd moet het natuurlijk blijven klinken.

En niet alleen de compositie moest gekneed worden, ook het orkest zelf. De muzikanten van FES zijn het niet gewoon om tezelfdertijd een partituur te lezen én naar een dirigent te kijken. Dat ze dat hier toch klaarspeelden, toont het enorme vakmanschap van de groep en de componist. En als het af en toe toch ietwat misliep, dan wijten we dat graag aan de milde gekte die altijd rond de Flat Earth Society hangt.

Flat Earth Society. De Oesterprinses. Gezien in Vooruit, Gent, op 7 oktober.

 

< terug naar menu

 

------------------

 

Heliogabal

 

New York Times: Mijnheer Vermeersch score, ver verwijderd van de gehistoriseerde big-band klank die je tegenwoordig meestal hoort in de Verenigde Staten, klonk fris, inventief en geestig.

< terug naar menu

 

Volkskrant (Nl): Een trompet die niet goed durft, een saxofoon die kreunt en zwoegt, tot de rest invalt en de muzikanten alles uit hun instrumenten halen. De vrolijke kakafonie gaat over in een swingend ritme en wat een circusorkest leek, verandert in een volmaakte bigband.

< terug naar menu

 

------------------

 

London Jazz Festival

 

Flat jazz...not at all

(Ivan Hewett - Telegraph, 21/11/2007)

A band called Flat Earth Society sets you up for something determinedly against conventional wisdom, and this “cult Belgian band” of 13 players is certainly that. They come on to the cramped Purcell Room stage with artful casualness, two or three of the band breaking into a number (or possibly three different numbers) before the rest have arrived. The accordion player Wim Willaert picks up a wine glass and plays a note on it. It’s all cheerfully anarchic. Looking at this lot, you can understand why forming a government in Belgium might be tricky. But this is just a front for a big band that’s as tight and together as any I’ve seen. They’re led by clarinettist Peter Vermeersch, who also composes and arranges most of the band’s material. It’s soon clear what moves him musically. He loves blues and gospel, he loves old film noir, he loves Quincy Jones. But there’s a political heat there too. In Ich, Bin, George, Vermeesch pokes fun at American military music, and in another number Willaert takes on the role of Dr Goebbels, who keeps interrupting the band’s natural style to “correct” it, until all we’re left with is a relentless military beat. This is funny (and not just a fantasy, as Goebbels did in fact try to encourage a form of “Aryan” jazz), but it’s in pretty dubious taste, too. At one level, everything the band does is in bad taste. The music is full of bizarre and shocking juxtapositions, as in Without, which has a weird combination of a neon-lit muted trumpets and moody piano with strange fluttering sounds on clarinets. But, once you’ve got over the sheer oddity, the juxtaposition becomes poetic, though in a surreal way. It’s as if a night scene in a Raymond Chandler novel were suddenly invaded by a flock of seagulls. Vermeesch’s approach is risky, which is what makes it so energising. The chasm between the hectic drilled brilliance of the big band moments, and the sudden silences and strange “spacey” sounds that intersperse them is vast, and Vermeesch’s music could simply disappear down it. What saves it is the band itself. It’s the presence of some big personalities with virtuoso improvising skills that binds the whole experience together. Most extraordinary among them is the multi-instrumentalist and singer Tom Wouters, who on this showing must be one of the most talented musicians alive.

< terug naar menu

 

John L Walters - Guardian (22/11/2007)

Flat Earth Society, a tight 15-piece band led by clarinettist and composer Peter Vermeersch, late of X-Legged Sally. Two brilliant sets confirmed how accomplished they are, twisting rapidly from theatrical bombast to tenderness, collective improv, mad movie-chase music and back to swinging anthems such as Gulls & Buoys and, er, Anthem 2004. Wet is Wet presented jazz as envisaged by Goebbels. Vermeersch grins impishly, like a young Daniel Libeskind, as he directs his close-knit ensemble. He is a monster talent, with an outrageously original band.

< terug naar menu